Integrale geboortezorg: Lean vanuit wiens bril bekeken?

In een eerdere post ben ik ingegaan op het concept Integrated Care. Met daarin onder andere de onduidelijkheid over wat dat dan precies is en de (vermeende) rol van zorgpaden hierin. Zorgpaden als duizend-dingen-doekje van de zorg. In dit blog een concreet voorbeeld van collega’s Sandra Dahmen en Marnix van den Berg over Integrale Geboortezorg. Beiden zijn betrokken bij Integrale Geboortezorgprojecten, als projectleider en als leidend voorwerp.

Het zal niemand ontgaan zijn dat de integrale geboortezorg in beweging is. Veel zorgprofessionals hebben het afgelopen jaar samen gewerkt om de integrale geboortezorg vorm te geven met de ontwikkeling van integrale zorgpaden, het uitwerken van organisatiemodellen en integreren van ICT. De vraag: wat ís integrale geboortezorg nu, hoe zorgen we dat we dit Lean inrichten en wat maakt integrale geboortezorg zo mooi voor moeder en kind?

Laten we vooraan beginnen. Wat is integrale geboortezorg? De keten van zorg voor de zwangere en haar kind, waarbij zorgprofessionals zoals 1e en 2e lijnsverloskundigen, gynaecologen en kraamorganisaties maximaal samenwerken aan nog betere zorg voor moeder en kind. Hiervoor stellen de zorgprofessionals in hun VSV’s (verloskundige samenwerkingsverband) gezamenlijke zorgpaden op. Zij beschrijven in de zorgpaden welke zorgprofessional welke zorg op welk moment het beste uit kan voeren. Ook welke zaken de zorgprofessionals gezamenlijk bespreken en wanneer zij zorg aan elkaar overdragen, staat vermeld.

Om deze integrale zorg vorm te geven, maken VSV’s keuzes over de organisatievorm van de nieuwe geboortezorgorganisatie. En samen bepalen ze hoe het nieuwe geboortecentrum eruit gaat zien, zodat de cliënt voortaan nog maar naar één locatie hoeft.

En dan is er de financiële kant. Minister Schippers wil per 2018 naar een nieuwe integrale bekostiging voor de geboortezorg. Voor een gezonde bedrijfsvoering bepalen VSV’s kostprijzen, tariefstelling naar de zorgverzekeraars en hoe het geld dat binnenkomt over de zorgprofessionals wordt verdeeld. Al deze ontwikkelingen zijn ingegeven om de zorg aan moeder en kind nog beter te maken.

En hoe ervaart de cliënt dat in praktijk? Mijn collega Marnix van den Berg neemt u vanuit zijn eigen ervaring mee in de visie van de cliënt:

“In juli van dit jaar is de Zorgstandaard Integrale Geboortezorg in het Register van het Kwaliteitsinstituut opgenomen. Een project waar ik de afgelopen 3 jaar aan heb mogen meewerken onder de vlag van het College Perinatale Zorg. Maar wat merk ik als ‘cliënt’ hier nu van? Wat is voor mij klantwaarde in de integrale geboortezorg en hoe merk ik dat? Eind 2015 ben ik samen met mijn vriendin de gelukkige ouders geworden van een mooie dochter. Tijdens de zwangerschap stonden wij onder controle bij een geboortecentrum met ruime ervaring in ‘integrale geboortezorg’. Welke vinkjes kon ik daar als cliënt zetten als het gaat om voorbeelden van integrale geboortezorg?
 

  • Verloskundige en gynaecoloog werken vanuit dezelfde polikliniek.
  • Verloskundige en gynaecoloog hebben inzage in elkaars dossier. Helaas typt de verloskundige nog wel alles over vanuit het dossier van de gynaecoloog en echoscopiste. Wat per saldo de helft van de consulttijd in beslag neemt.
  • Verloskundige en gynaecoloog bespreken de risico’s met elkaar.
  • Verloskundige en gynaecoloog werken binnen één geboortezorgorganisatie.
  • De folder van de kraamzorg werd tijdig uitgereikt door de verloskundige.

Tot zover de mooie voorbeelden van integrale geboortezorg. Halverwege 'onze' zwangerschap werd op de echo een ‘voorliggende placenta’ geconstateerd. Wij hoorden bij de 2% die hierdoor middels een keizersnede moesten bevallen. De verloskundige vroeg ons door wie wij verder begeleid wilden worden: de verloskundige of de gynaecoloog. Wij kozen vanuit praktisch oogpunt voor de gynaecoloog, die zou toch de keizersnede doen.

De volgende controle-afspraak meldden we ons nog steeds bij dezelfde balie, zaten we weer in diezelfde wachtkamer en liepen we weer diezelfde spreekkamer binnen. Maar in plaats van een zwangere vriendin met alle emoties en vragen van een zwangere, zat er nu een ‘voorliggende placenta’ naast mij en moest dit risicogeval binnen vijf minuten gecontroleerd worden middels de vraag: ‘Zijn er nog bijzonderheden?’ en een Doppler. En zo stonden we weer buiten. Ineens was voor ons, als ouders in spe, alles anders. Terwijl we toch echt op dezelfde stoel zaten als drie weken daarvoor. Deze enorme verandering in visie en aanpak op zorg en behandeling realiseerde ik mij pas toen mijn vriendin zei: ‘Ze vroeg niet eens hoe het met mij ging.’ Een wereld van verschil.

Klantwaarde in de integrale geboortezorg merk ik als cliënt tot op zekere hoogte. Door diezelfde wachtkamer, hetzelfde EPD en het werken vanuit een zorgpad. Misschien zijn dit aanpassingen waar vooral de zorgverleners behoefte aan hebben. Pas écht ga ik klantwaarde ervaren als de professionals elkaars complementaire kwaliteiten erkennen, uitspreken én inzetten voor het traject van de zwangere en haar partner. Bij een eventuele volgende zwangerschap hoop ik dat wij van zowel de kennis en kunde van de gynaecoloog als van de verloskundige gebruik kunnen maken, in plaats van 'of-of'.”

Meer lezen?

Ruben van Zelm schrijft op zijn weblog over het optimaliseren van zorgprocessen en kwaliteit en veiligheid in de zorg. Hij is naar eigen zeggen besmet met het kwaliteitsvirus. En dat uit zich in een gezond fanatisme om, samen met zorgprofessionals, hun processen te verbeteren. Op zijn weblog wil hij zijn kennis en ervaringen delen. Soms gebaseerd op belevenissen, soms ideeën of vragen, soms instrumenten of methoden.